| Recept mini-köfte |
| Zaterdag 30 Mei 2009 00:00 |
|
“Ik hou niet van liflafjes.” Ooit was het een stoere term uit de testosteronhoek. Misschien bestaat hij nog wel, in kringen van dijkwerkers en putjescheppers, maar zelfs daar slaat hij nergens op. Als er keus is tussen vijf kroketten of een kroket en een frikandel en een nasischijf en een kaassoufflé en een patatje oorlog kiezen ze het laatste. Afwisseling, daar gaat het om. Zeker als het feestelijk moet zijn. Niks nieuws aan, de middeleeuwse banketten waren niet anders. Halverwege de negentiende eeuw werd het mode om gerechten één voor één op te dienen in plaats van ze naast elkaar te zetten, maar dat veranderde maar weinig. Het tempo lag vaak hoog - de Oostenrijkse keizer liet de standaard twaalf gangen altijd binnen een uur serveren - zodat het alleen voordelen had; je at nu de dingen warm.
Sterrenkoks van vandaag serveren nooit meer het minimalistische ideaal van Wina Born uit de jaren zestig: een stuk vlees of vis, een groente en een saus. Nee zeg, er liggen altijd minstens zeven elementen op je bord, allemaal klein. Een minibuffetje. En in andere culturen is feesteten nog steeds een parade van allerlei smaken, China, Indonesië (nee, niet de rijsttafel, maar wel de selamatan), Suriname, Libanon.
Set as favorite
Bookmark
Email This
Commentaar (0)
![]() Schrijf commentaar
|


