Volkskeuken receptenVoorgerechten

Recept gamba’s met citroen en tijm

 

Fransen kunnen niet koken. Ik heb het al eerder beweerd en ik zeg het opnieuw. De hele reputatie van de glorieuze Franse keuken is gebaseerd op de haute cuisine, het sterrengewemel van tegenwoordig en de schitterende prestaties van professionele koks vanaf de 17e en 18e en vooral de 19e eeuw. Al die eeuwen heeft de Franse gemeenschap geprobeerd te imiteren wat er aan de top gebeurde – niet alleen wat het koken aangaat, trouwens – en wat je in de plattelandsrestaurants voorgezet krijgt is een poging die verfijning na te apen met minder geld, minder kennis en minder inzet. Dat faalt regelmatig jammerlijk. Maar bij de mensen thuis is het veel erger. Mijn lijst met treurige eetervaringen is onlangs weer aangevuld. Het voorgerecht was een bak nauwelijks gebakken champignons aangemaakt met – modern! – balsamicoazijn. Et rien d’autre. Als hoofdschotel een grote moot kabeljauw, niet onaardig van garing, maar saus-, kruiden- en smaakloos, bijgestaan door venkel gekookt in sinaasappelsap. Veel venkel in sinaasappelsap. Gelukkig viel er aan de kaas daarna niets te verpesten. De afsluiter bestond uit slecht rijpe ananas waarvan de harde kern niet verwijderd was.

Los van de kaas was het dus een Weight Watcher’s menu, met als extra afslankprikkel een gebrek aan smaak.

Geen wonder dat Fransen dol zijn op traiteurs, op foie gras, op oesters, worst en ham, en op het verschijnsel apéritif dînatoire: drank met kant-en-klare hapjes, zodat je het geen diner hoeft te noemen en er geen verwachtingen hoeven te worden waargemaakt.

Voorts ben ik dol op Frankrijk en de Fransen. Want alle ingrediënten om wél lekker te koken zijn ruim voorhanden. Kom, dan maken we gamba’s met citroen en tijm.

 

Gamba’s met citroen en tijm

Voorgerecht voor 4 personen

 

Nodig zijn grote gamba’s; op de markt vind je de grootste. Knutselaars kopen ze ongepeld en verwijderen de schaal alleen van het lijf, zodat de kop en het staartuiteinde blijven zitten. Dat doe je met een schaar en je vingers. Haasthebbers nemen gepelde, liefst met het staartje er nog aan.

 

4 eetlepels olijfolie

8 of meer flinke rauwe gamba’s; zie toelichting

2 tenen knoflook, geplet

4 plakken citroen

3 takjes tijm

10 g (1 krappe eetlepel) suiker

 

Verhit de olie in een koekenpan en bak er de gamba’s snel in aan, samen met de knoflook. Draai ze om zodra ze gaan verkleuren en haal ze subiet uit de pan als het grijs roze is geworden – het gaat allemaal bliksemsnel. Leg de plakken citroen en de tijm in de pan en bak tot het sap loskomt en gaat bruisen. Voeg de suiker toe en roer af en toe, tot je een iets stroopachtige saus hebt. Warm er de gamba’s heel kort in en serveer.

 

Vers verschenen: Luilekkerland - 400 jaar koken in Nederland, dat ik samen met dochter Charlotte schreef. We volgden 11 thema's dwars door de historische kookboeken van de Universiteit van Amsterdam, van eind 16e eeuw tot eind 20e. Huiver mee over de ontwikkelingen op groentegebied, bij het bereiden van gevogelte, in de tafelmanieren, bij het gebruik van vet. Grijns net als wij over de fotografie van vroeger of over de soms rammelende receptuur. Luilekkerland is een lekker lezend smulboek waar je wat van opsteekt! Met 62 recepten om ook zelf de historische keuken in te duiken. Klik hier voor meer informatie en om het te bestellen, natuurlijk met onze beider handtekeningen erin!    

2 reacties op “Recept gamba’s met citroen en tijm

    1. Peperoncino erbij: groot gelijk. Heb het nu weggelaten omdat ik het er altijd al bij doe en zo voorspelbaar word…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.